Wat betekent de naam Roosenboom?
Een nieuw licht op de betekenis van de naam Roosenboom. Het is misschien toch anders dan we dachten!
Tot dusver was onze opvatting over de betekenis van de naam Roosenboom dat het een toponiem was: een familienaam die verwijst naar de plaats waar de eerste naamdrager woonde. De naam Roosenboom staat dan in het rijtje Lindeboom, van der Linden, Eikeboom, Noteboom etc.
Eugen Perau, een bekende genealoog uit Duitsland, die ook Roosenbooms onder zijn voorouders telt, veronderstelt een relatie met boerderij de Roosenboom tussen Schloss Moyland en Kalkar iets ten zuiden van Kleef. Niet te bewijzen maar wel aannemelijk omdat in het Nederrijnse gebied de familienamen heel vaak verwijzen naar de boerderij (de hof) waar de eerste naamdrager woonde. Het is nog steeds aannemelijk dat alle Roosenbooms uit het Kleefse land van die boerderij stammen en dat de familienaam daarmee verband houdt.
Maar waarom heette die boerderij zo? De voor de hand liggende gedachte is dan dat die boerderij zo heette naar een rozenboom die er vlakbij groeide. Cafe de Lindeboom in Mook bijvoorbeeld heette zo omdat er een grote lindenboom voor stond.
Maar voor hof de Roosenboom vond ik nu een nieuwe interessante en aannemelijke verklaring.
Günter van Meegen uit Bedburg-Hau publiceerde op de website www.lokalkompass.de een uitvoerig artikel over de landweren in het Kleefse land.
De woorden landweer in het Nederlands en Landwehr in het Duits hebben beide twee betekenissen: de oudste betekenis verwees naar de weerbare mannen van een gebied die ter verdediging ingezet konden worden. Vanaf de 13e eeuw verwijzen ze naar versterkte omheiningen van een gebied, bestaande uit hagen, sloten en wallen. Een variant hierop zijn de Maasheggen bij Boxmeer: ondoordringbare ineengevlochten heggen van meidoorn en sleedoorn.
De landweer bood bescherming tegen vijanden en roversbenden. Er was altijd maar een beperkt aantal doorgangen, de grotere werden voorzien van een toren of een schans de kleinere hadden een slagboom. Hier kon men het verkeer van personen en goederen controleren en tol heffen. In het kleefse land heetten de slagbomen: boom, bohm, boem (uitgesproken als boom, de "e" is een zogenaamde verlengings-e), reenboom, slagboom of klaphek, schrijft van Meegen. De landweren en de slagbomen werd een naam gegeven aan de hand van plaatselijke bezonderheden of naar personen genaamd. Diezelfde namen kan men nu nog terugvinden als straatnamen of als naam van een veld. Schneppenbaum (oudere naam Sneppenboom) is een buurtschap van Bedburg-Hau die naar de slagboom vernoemd is.
De Rosendaler Landwehr loopt van Rosendal naar Kalkar via Schloss Moyland. De landweer loopt daar langs de eindmorenen die daar na de ijstijd zijn achtergebleven. Van Moyland gaat de landweer verder langs de eindmoren naar Kalkar. Waar hij de huidige Berk'schen Strasse kruist was de doorlaatpost "Roosenboom". Zie deze landkaart van van Meegen.
Van Meegen voegt hier nog aan toe:
Etwas südlich von dieser Stelle gibt es heute noch eine Hofstelle namens „Roosenbooms Hof“.
Hier taucht zum zweiten Mal der Name „Rosen“ auf. Sowohl bei Haus Rosendal als auch beim Roosenbooms Hof rührt der Name „Rosen“/„Roosen“ von den Römern her. Die Römer hatten auf der Höhe der eiszeitlichen Endmoräne ihre Begräbnisstätten, und diese wurden bevorzugt mit Rosen bepflanzt. Auch nachdem die Römer das Land verlassen hatten, wuchsen dort noch jahrhundertelang Rosen. Beim Roosenbooms Hof haben wir also zwei Namensgeber: Die Römer und der Boom vom Landwehrdurchlass.
Vom Roosenboom verläuft die Landwehr weiter auf Kalkar zu."
Dat is heel interessant. De naam Roosenboom slaat dan niet op een rozenboom bij de boerderij, maar op de slagboom bij de plaats waar de rozen groeiden. En de boerderij en daarmee zijn bewoners zijn naar de doorlaatpost met de slagboom vernoemd. En die rozen groeiden daar al vele eeuwen nadat de Romeinen ze daar geplant hadden op hun kerkhof.